Berlijn Moskou – A.B. Nabokov

A.B. vond zichzelf geen experimenteel musicus. Sjostakovitsj, Stockhausen en  Schönberg waren experimentele musici; in hun werk herkende je de chaos waarin de mens was terechtgekomen vanwege de ondoorgrondelijke eigenschappen van het modernisme. Die chaos kon onmogelijk worden bedwongen. Ze moesten wel experimenteren. Hij zag voor zichzelf een link naar de punk, naar de vroege rock ‘n’ roll en over de horde van de tweede wereldoorlog heen naar de jaren 1870-1930. Het tijdsgebied lag ingeklemd tussen de presentatie van het periodiek systeem der elementen en de opening van de eerste Gulag. In die tijd namen kunstenaars een bestaan aan de rand van de maatschappij voor lief zolang ze maar konden schilderen of schrijven. En misschien konden ze niet anders, was hun existentie te vergelijken met het trappelen met de benen van de gehangene onder wie het valluik zojuist was geopend. Het kon ieder moment ten einde zijn. Na 1930 was iedereen op de vlucht.

Daarom vond hij de term ‘underground’ beter van toepassing. Ik was geen Rus en bovendien was ik nauwelijks bekend met wat zich in het existentiële schemergebied van de Sovjet-Unie had afgespeeld . Maar namen als Sacharov en Amalrik zeiden me toch iets? Ja, dat wel. Achter hen ging  een heel netwerk schuil tijdens de Brezjnevjaren. De politieke ‘underground’ was toentertijd misschien de meest glamoureuze. Daar had hij wel een punt. In die jaren verschenen hele opstellen in de westerse weekbladen, doordacht en scherp geformuleerd. De vrijheid van het woord werd gevierd. Wist ik veel dat dat vooral kon om druk uit te oefenen op het Oostblok, wellicht ook om de politici in die landen te jennen.

06bc3a3f8f13628cf2e5947dfe687290_full

Het hielp dat A.B. slechts vier jaar jonger was. Zodra je de vijftig was gepasseerd viel het leeftijdsverschil niet meer op. We hadden een lange weg door het laatste deel van de vorige eeuw afgelegd. Dus, vertelde A.B., het hele gebied dat werd vereend onder de noemer ‘underground’,- dat wat niet zichtbaar was, was vooral de zone waar de wetten langzaam hun invloed verloren. Ook de wet van de zwaartekracht, vroeg ik. Vooral de wet van de zwaartekracht! A.B. lachte en vroeg nog eens om twee bier. Nu nam hij ook een Berliner.

De armoedzaaiers hadden in de vroege jaren van de twintigste eeuw dezelfde lijnen als wij nu; ons kostte het tenslotte geen enkele moeite om een concert of onderkomst te organiseren in welk land dan ook. Het idee van de staat bestond nog niet, althans niet in zo’n esoterische zin als nu. Het idee van het hogere was veeleer aan een geestesstroming verbonden. Jullie eigen Marinus van der Lubbe trok er te voet op uit Europa in om het socialisme te vinden, alsof hij een figuur was uit een roman van Platonov. Het waren melodramatische tijden: moord, hoererij, diefstal, kindersterfte, de dingen luisterden niet zo nauw. Goedkope tochtige kamers werden door een vriend of een vriend van een vriend aanbevolen. Een tafel en een kapot bed, nauwelijks geld voor iets warms te eten, ja een schaal bonen of een bord soep soms. Je zat urenlang in een café omdat daar de kachel brandde. Van der Lubbe moest Berlijn hebben bereikt, omdat hij er onderweg over had horen praten en niet omdat iemand hem had gevraagd voorbij te komen en de Rijksdag in de fik te steken.

Peter Sjabelski-Bork werkte bij een uitgever in München, in 1921. En toen reisde hij naar Berlijn om een moord te plegen. Kijk, hij wel. Hem werd iets gevraagd. In München, waar iedereen vechtend over de straat rolde. De vader van Nabokov sprong ertussen toen er werd geschoten en werd ook maar meteen neergeknald. Leve de tsaar, riepen ze. Het was een oude truc. Zelfs onder gauwdieven en kleine kinderen maakte je het mee, het was altijd de schuld van de anderen. Die Sjabelski raakte nog bevriend met Rosenberg, de nazifantast die dacht dat de aarde hol was. En waarom raakten ze bevriend? Omdat Rosenberg ook een Rus was. Getweetjes behoorden ze tot de verliezende partij van de Oktoberrevolutie. Wel raar, trouwens, dat ze in Duitsland juist bij de winnende partij terechtkwamen. Die geschiedenis was niet zo belangrijk, zei A.B. Hij wilde uitleggen waarom hij geen experimenteel musicus was. We leefden in hetzelfde randgebied en gingen door dezelfde afgelegen straten. Hij stond op. Het was tijd voor de soundcheck.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Berlijn Moskou, Het Einde van Melancholie en getagged met , , , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s