Bobbejaanland

In de tijd dat ik poppenkast en De Efteling nog leuk vond, liep ik een keer in Bobbejaanland rond. Bobbejaan Schoepen was een Belgische cowboy, die zich zo kleedde en er liedjes bij zong. Ik kon toen ook al Jim Reeves, die met zijn suikerspinzoete liedjes van iedere Zondag een echte niets te doen, vervelende Zondag zondag wist te maken, iedere keer weer. Toen al, heel jong toch, begreep ik niet wat de door en door Amerikaanse Jim met zijn door en door Amerikaanse appelmoescountry op onze radio had te zoeken. Maar dat vroeg ik me onbewust af van de meeste muziek die werd uitgestraald. Bobbejaan dus, was een country & westernzanger, en hij had een Bobbejaanland voor de jeugd ingericht. Of de jonge Michael Jackson tijdens een Europees verblijf ooit een keer daar terecht is gekomen, vraag ik me nu ineens af, misschien op dezelfde dag als ik er rond liep. Het zal vast zo zijn geweest. Ik kan me van het bezoek, en dus van Michael, nauwelijks meer iets herinneren en weet dus niet of er overal nep kebois en indjanen op de loer lagen, lasso wierpen, rodeo, al sla je me dood. Wat ik wel weet is dat ik een grotere houten keet binnen liep omdat daar een revue zou worden gehouden, waar Bobbejaan zelf zou optreden. Ik had nog nooit iemand in levende lijve gezien, die ik eerder op de radio had gehoord, dus daar moest ik heen; ik geloof ook omdat ik me danig verveelde. Sommige dingen blijven in je herinnering zonder dat je weet waarom eigenlijk. Dat Bobbejaan met vrouw en vrinden `Ik ben met Katootje naar de botermarkt geweest` zong, is zo’n herinnering die als een meteoor door de oneindigheid van mijn bewustzijn vliegt. Wat heb je eraan? Enfin. In dat lied komen acht verschillende personages voor. Bij Bobbejaan kwam ieder personage als dat personage verkleed het podium op om zijn couplet aan het lied toe te voegen. Ik kon het lied niet, dus ik wist niet hoe lang het duurde. Ik heb met stijgende verbazing toegezien hoe dat lied en de rij personen op het podium steeds langer werd. En ze deden allemaal of ze er een enorm plezier in hadden het te zingen. Wist ik veel dat ze zo’n typische achter-de-hand-lol hadden om de dubbelzinnige tekst van het lied, over een dominee die naar de hoeren gaat.

Daaraan moest ik denken toen ik België gisteren zag spelen. Het waren allemaal personages die hun deel van het lied zongen, en ieder deel klonk hetzelfde. Wat ik bedoel is, dat het gros van de Belgische spelers denkt dat de wereld bij hun begint en eindigt; achter de horizon ligt een ander dorp, maar eerst deze vracht afleveren, voordat we naar de kermis kunnen. Je begrijpt me niet? Nou, ik wel. Hoeveel schoten op doel, en geen enkele speler die de tegenwoordigheid van geest had de bal naar een ploegmaat te spelen die dan niet anders kon doen dan het ding in het net leggen? Op het laatst, je zag het al van heel heel ver aankomen, ging Kompany mee naar voren. Hij legde het stuk naar de vijf nog net niet in wandeltempo af, maar daar kwam dan wel de aanvoerder zelf aan, die het gedoe al een hele tijd meer dan moe was. Om de bal die hij vervolgens kreeg, in vrije positie, toch nog richting doel te trappen bezorgde hij zichzelf zowat een heupbreuk.

Ik geloof dat het gerecht is om te twijfelen aan de verstandelijke vermogens van de meeste spelers uit dat elftal. Zonder voetbal waren het arme sufferds die doelloos door stad of dorp zouden lopen. Hun intuïtie houdt op bij het bedrag dat voor ze is betaald op de transfermarkt. Het helpt allemaal niet. Het helpt ook niet dat in Vlaams België in ieder gehucht een ander dialect wordt gesproken. Als ze elkaar willen verstaan moeten ze een taal spreken van een land dat ze haten en er ieder op hun eigen manier iets begrijpelijks van maken. Dat schiet echt niet op.

Wat wel weer leuk was, was de reactie van Kevin De Bruyne, snotje van net begin twintig die Jermaine Jones, die hij uit de Bundesliga kent, en die al een echte man is, de bal vol tegen de neus schiet. Hij schrok ervan! Dat was bijna lief, die twee verontschuldigende handen op Jermaine’s rug. Jermaine weer, was nauwelijks een minuut eerder opgestaan na een aanslag van Vertonghen, die met gestrekt been over de bal trapte en tegen het scheenbeen, terwijl Jones schoot. Eigenlijk penalty, en eigenlijk ook rood.

Jermaine Jones was misschien wel het voorbeeld bij uitstek waarom het bij USA net niet lukte. Hij heeft een geweldig uithoudingsvermogen, kan ongelooflijk incasseren, vindt onverwachte reserves, heeft grote tactische kwaliteiten, maar mist helaas de techniek en het inzicht om op de juiste tijd even een stap terug te doen. Dit gebeurde pas in de tweede helft van de verlenging toen alles over Bradley liep, een hele fijne en elegante speler, aan wie doet hij me toch denken?

Klinsmann kan er nu een hele zomer over piekeren waarom hij niet Julian Green in liet vallen op het moment dat hij voor Chris Wondolowski koos.

En bij Ajax zou ik er echt geen enkel moment meer mee wachten om die rechtsbuiten van USA te contracteren.

Wat een wedstrijd alweer.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in WK 2014 en getagged met , , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s